Stichting Auschwitz - Inhoudstafel en samenvattingen nr. 120
Voorstelling van het tijdschrift

Bestel het volledige nummer

 

Terug naar de lijst

 

Redactioneel: Un supplément d'âme (Philippe Mesnard)

 

Agenda

 

Kroniek

  • Paths of Glory (Gabriel Raichman)
  • Der Anständige Heinrich Himmler (interview met Vanessa Lapa)
  • Shell Shock. A Requiem of War (Daniel Weyssow)
  • Vasily Petrenko fulmineert in de 13e symfonie van Sjostakovitsj (Jean-Luc Caron)
  • Collectie ‘Les Musiciens et la Grande Guerre’ (Jean-Christophe Le Toquin)
  • The ARC Ensemble committed to Remembering the Forgotten [Het ARC ensemble brengt vergeten werken in herinnering] (interview met Simon Wynberg)
  •  

    Portfolio: A Beech Forest [Een beukenbos]

     

    Interview: Herman Van Goethem (Kazerne Dossin), “Clearly, this museum constitutes a work of collective memory” [Dit museum is duidelijk een werk van collectieve herinnering]

  • Aan de oevers van de Dijle verrijst de Kazerne Dossin. Sinds 2012 staan er twee gebouwen: een memoriaal werd opgericht op de plek waar vroeger het museum was, terwijl een monumentale betonnen kubus het nieuwe museum huisvest. Het is werkelijk een indrukwekkend herinneringscomplex. Hoog tijd om de conservator te ontmoeten, een man die als professor aan de Universiteit van Antwerpen onderzoek en herinneringswerk weet te combineren op maatschappelijk niveau. 
  •  

    Dossier: Welke toekomst voor de herinnering aan de Armeense genocide?

    Onder leiding van Philippe Mesnard

 

Presentation [Inleiding]: 100 Years Later… A memory laboratory between Armenians and Turks? [100 jaar later… Een herinneringslabo met Armeniërs en Turken?]

 

On memory, identity, and genocide [Over herinnering, identiteit en genocide] (Uğur Ümit Üngör)

  • De Turkse ontkenning van de Armeense genocide heeft een bijzonder grote impact gehad op de Turkse maatschappij. Hele generaties groeiden op met de ontkenning als officieel verhaal. Onderzoek naar mondelinge geschiedenis bij oudere Turken en Koerden in Oost-Turkije toont echter aan dat deze mensen levendige (post)herinneringen overhouden aan de genocide. Uitgaande van interviews met Turkse en Koerdische (klein)kinderen van ooggetuigen bestudeert dit artikel een aantal vragen die zich opdringen rond de herinnering aan de Armeense genocide. Zo stelt het dat er sprake is van een conflict, niet alleen tussen het Turkse politieke geheugen en het Armeense culturele geheugen, maar ook tussen het Turkse politieke geheugen (het officiële verhaal) en het Turkse en Koerdische maatschappelijke geheugen. Met andere woorden: de Turkse regering ontkent een genocide die haar eigen bevolking zich nog herinnert.

 

Remembering the Armenian genocide in contemporary Turkey [De herinnering aan de Armeense genocide in het hedendaagse Turkije] (Seyhan Bayraktar)

  • In dit artikel stel ik dat er sinds 2000 weliswaar sprake is van een ‘memory boom’ over de Armeense genocide in Turkije, maar dat die de aandacht heeft afgeleid van het belang van een formele erkenning van de genocide. Bovendien wordt alleen de Turkse staat verantwoordelijk gehouden voor het negationistische discours. Wanneer we kijken naar de herinneringskaders die het huidige publieke discours in Turkije structureren, merken we dat er kwalitatief gezien eerder sprake is van een continuïteit dan van een breuk in het gebruik van ontkenningspatronen. Meer nog, het feit dat men vandaag openlijk de Armeense genocide bespreekt, wordt door de Turkse staat precies uitgebuit, verdraaid en ingezet in haar programma van ontkenning: de ‘Armeense kwestie’ is immers geen taboe meer in Turkije. Het engagement van de Turkse burgermaatschappij heeft zowel nationaal als internationaal veel aandacht getrokken, maar eerder dan te focussen op de opbouw van een sterk maatschappelijk middenveld in Turkije, lijkt het mij essentiëler om in te gaan op de noden en vragen van de slachtoffers.

 

Een nieuwe golf (interview met Sila Cehreli)

 

Het Armeense bewustzijn in het Duits-Turkse discours (Michael Hofmann)

 

Geheugen, weefsels en de esthetiek van de verplaatsing (Marie-Aude Baronian)

 

Kinships Past, Kinship’s Futures [Verwantschap in vroegere tijden, verwantschap in de toekomst] (David Kazanjian)

  • In dit essay formuleer ik een aantal vragen die, hoe essentieel ze ook zijn voor het leven na de Catastrofe, vaak aan de kant worden geschoven om ruimte te maken voor (al te) vertrouwde vragen over erkenning en verzoening. Hoe heeft het concept van verwantschap niet alleen staats- en burgergeweld mogelijk gemaakt en gerechtvaardigd, maar ook de minder zichtbare maar al even regulatieve dagdagelijkse macht van diasporische en statische nationalismen gewettigd? En kunnen we een vorm van verwantschap indenken die ingaat tegen zulk gewelddadig en normatief gezag – nieuwe, onuitgegeven vormen van verwantschap voor de toekomst? Twee recente culturele teksten bieden enkele uitdagende antwoorden. Allereerst is er Aikaterini Gegisians ‘Zelfportret als Ottomaanse vrouw’, een collectie van populaire postkaartportretten van vrouwen in traditionele klederdracht uit de vroege twintigste eeuw. Daarnaast bespreek ik ‘AH-HA’, een samenwerking tussen kunstenaars Nina Katchadourian en Ahmet Ögüt binnen het Blind Dates Project van Defne Ayas en Neery Melkonian. Uit deze twee reflecties op vroegere verwantschappen put ik inspiratie om toekomstige vormen van verwantschap te bedenken die het normatieve kader van het discours over de Catastrofe kunnen doorbreken, of minstens doen wankelen.

 

Concise chronology [Beknopte chronologie]

 

Selected bibliography [Selectieve bibliografie]

     

    Varia

Van ‘ondervonden’ genocide naar bevestigde etnocide. De Amerikaanse indianen en de grenzen van definities (Anne Garrait-Bourrier)

  • ‘De enige goede indiaan is een dode indiaan’ (gezegde afgeleid van een uitspraak toegeschreven aan generaal Philip Sheridan: ‘The only good Indians I ever saw were dead’, 1870). Met uitspraken van die strekking kwam door de eeuwen de mythe van de indiaan tot stand, van de verovering van het Amerikaanse land tot de eisen van de indiaanse gemeenschappen. Sinds de jaren zestig en de politieke strijd van de American Indian Movement blijft de kwestie van de ‘genocide’ op de Noord-Amerikaanse indianen voor verdeeldheid zorgen. De geschiedenis van de indianen uit Noord-Amerika en meer bepaald Canada wordt geplaagd door alcoholisme. Net als door de ziekten die de kolonisten overbrachten, werd een heel volk erdoor verzwakt en verlaagd tot de status van een culturele subgroep die afhankelijk is van bijstand. Alcohol was een van de middelen waarmee ze werden gedwongen om zich aan te passen, naast scholing en het opdelen van gezinnen. Het inactieve leven in de reservaten speelde een bepalende rol in de teloorgang van de ‘prairiekrijgers’. In deze uiteenzetting bestuderen we eerst wat we de ‘ondervonden genocide’ kunnen noemen; die ligt aan de basis van de beweging die strijdt voor een officiële erkenning van de indiaanse genocide. Vervolgens staan we stil bij een historische lezing van de feiten, die ons bij de grenzen brengt van de definities omtrent genocide (altijd een hachelijke term, zo benadrukt ook David El Kenz). Een en ander zal ons in staat stellen om ‘genos’ en ‘ethnos’ conceptueel met elkaar te verbinden.

 

Rechtstreeks getuigen en getuigen aan de hand van sporen: Sarah Kofman, Hélène Berr en Dora Bruder in Parijs onder de Duitse bezetting (Désirée Schyns)

  • In dit artikel gaan we in op de pijnlijke herinneringen zoals die worden uitgewerkt in getuigenissen en fictie. Wat is het verschil tussen beide, wanneer ze een weergave willen zijn van een traumatisch geheugen? We spitsen ons toe op teksten over de Jodenvervolgingen in Parijs tijdens de bezetting. In haar autobiografie Rue Ordener rue Labat pende filosofe Sarah Kofman in de jaren negentig haar herinneringen neer aan de bezetting en onderduik. Patrick Modiano schreef met Dora Bruder dan weer een fictieverhaal, een soort van ‘tweedehands herinnering’ waarbij hij in de voetsporen treedt van een Joods meisje dat door Parijs dwaalt tijdens de razzia’s, en het uiteindelijk niet overleeft. Tot slot bespreken we het dagboek van Hélène Berr, dat dateert van het moment van de feiten, tussen 1942 en 1944. Welk effect heeft het tijdverschil tussen de gebeurtenissen en de schriftuur? In hoeverre wordt in de documenten een ‘toekomstverlangen’ uitgedrukt en een historische herinnering overgeleverd?

 

Beyond Memory: Italy and the Holocaust [De herinnering voorbij: Italië en de Holocaust] (interview met Robert Gordon)

 

The (self?)liberation of the Buchenwald concentration camp prisoners as viewed by German historians [De (zelf?)bevrijding van de gevangenen uit het concentratiekamp Buchenwald door de ogen van Duitse historici] (Jean-Louis Rouhart)

  • Moeten we spreken van de bevrijding of de zelfbevrijding van het kamp van Buchenwald? Zeventig jaar na de feiten maakt dit artikel de balans op en presenteert de verschillende interpretaties van Duitse historici.

 

    Woordenboek over getuigenis en herinnering

  • Communicative memory [Communicatieve herinnering] (Clotilde Coueille)
  • Passio Perpetuae et Felicitatis (Marco Formisano)
  • Perpetrator images [Beelden van beulen] (Vicente Biosca)
  • Survivance (Janine Altounian)
  • The apostle Thomas, called “the doubting Thomas” [De apostel Thomas, of ‘de ongelovige Thomas’] (Aurélia Kalisky)
  • Tourism and memory [Toerisme en herinnering] (Jessica Rapson)
  • Transnational memory [Transnationale herinnering] (Ann Rigney)
  • Memorial site: Kommunarka [Herinneringsplek: Kommunarka] (Luba Jurgenson)

 

    Herinneringslabo:

  • Rwanda (aflevering 4): Naamgeschiedenis: De functie van de antroponymie (Rémi Korman)
  • België (aflevering 2): Over fictie en waarheid, beeld en verbeelding in de hedendaagse roman over de Eerste Wereldoorlog (Kris Peeters en Myrthel Van Etterbeeck)
  •  

    Boekenplank

  • Britta Schilling, Postcolonial Germany: Memories of empire in a decolonized nation (Caterina Romeo)
  • Cristina Lombardi-Diop & Caterina Romeo (eds.), Postcolonial Italy: Challenging national homogeneity (Britta Schilling)
  • Henk van der Werf, Totalitaire ontsporing: Een analyse van de beschaving in de waancultuur van het Derde Rijk (Fabian Van Samang)
  • Hans Citroen & Barbara Starzyńska, Auschwitz-Oświęcim, Oświęcim-Auschwitz en Hans Citroen, Auschwitz – De Judenrampe, vergeten spoor (Christophe Busch)
  • Michael Wildt & Katrin Himmler, Heinrich Himmler, d’après sa correspondance avec sa femme, 1927-1945 (Colette Gutman)
  • David M. K. Sheinin, Consent of the damned: Ordinary Argentinians in the dirty war en Sebastián Carassai, The Argentine silent majority: Middle classes, politics, violence, and memory in the seventies (Paul Katz)
  • Bert Ingelaere, Stephan Parmentier, Jacques Haers & Barbara Segaert (eds.), Genocide, risk and resilience: An interdisciplinary approach (Susan Thomson)
  • Laure Marchand & Guillaume Perrier, La Turquie et le fantôme arménien (Jean-Pierre Pisetta)
  • Pierre Schoentjes, Fictions de la Grande Guerre. Variations littéraires sur 14-18 (Aurélia Kalisky)
  • Jennifer Hansen-Glucklich, Holocaust memory reframed: Museums and the challenges of representation (Sayma Khan)
  •  

    Niet te missen

     

     

    Terug naar de lijst

Het Tijdschrift staat online op
openedition.org


revues.org

Vorige nummers

  • Nr. 127 (oktober 2018): 1918 en het voortdurende geweld

    Honderd jaar geleden, in november 1918, eindigde de Eerste Wereldoorlog. Na vier jaar bloedige oorlog keerde de vrede weer in Europa. Althans, zo leek het vanuit het gezichtspunt van de overwinnaars, en zo zal het ook lijken vanuit het gezichtspunt van een vredesgezinde eeuwherdenking honderd jaar later. De historische werkelijkheid was weerbarstiger. Op z’n minst tot 1923 bleef het geweld voortduren in de vorm van revoluties en contrarevoluties, burgeroorlogen en oorlogen. En ook de geesten bleven in de ban van het geweld, zowel te linker- als te rechterzijde.
    In het themanummer ‘1918 en het voortdurende geweld’ reconstrueert Getuigen hoe Europa na 1918 in de greep bleef van het geweld en hoe de oorlog zijn stempel drukte op een geweldcultuur die zou exploderen in het totale geweld van de Tweede Wereldoorlog.

    Inhoudsopgave en samenvattingen

    Nr. 126 (april 2018): Vragen over de toekomst van de herinnering

    Op 20 en 21 januari 2017 vond in het Luxemburgse Esch-sur-Alzette het colloquim Questions sur l’avenir du travail de mémoire / Fragen zur Zukunft der Gedenk- und Erinnerungsarbeit plaats, waar verschillende sprekers zich bezonnen over de toekomst van het herinneringswerk. Dankzij Frank Schroeder, directeur van het Musée national de la résistance in Esch en initiatiefnemer van het congres, konden we in dit dossier zes lezingen publiceren die een antwoord trachten te formuleren op de volgende vragen: Hoe bouwen we een kritische herinneringscultuur rond de Shoah op, die komaf maakt met mythes en nationale fragmentering? En hoe vangen we de afwezigheid van rechtstreekse getuigen op? Wie geeft wat door in de toekomst, en hoe?

    Inhoudsopgave en samenvattingen

    Nr. 125 (oktober 2017): De vervolging van homoseksuelen door de nazi's

    Dankzij het toegenomen aantal studies over het onderwerp is de afgelopen jaren onze historische kennis gegroeid over de vervolging en deportatie van homoseksuelen door de nazi’s. In dit dossier geven we het woord aan zowel ervaren als jonge onderzoekers. Zij werpen licht op het bijzondere lot van vrouwelijke en mannelijke homoseksuelen tijdens de Tweede Wereldoorlog, en bestuderen hoe de herinnering aan deze episode evolueerde na de oorlog.

    Inhoudsopgave en samenvattingen

    Nr. 124 (april 2017): Muziek in de kampen

    Muziek vormde een belangrijk onderdeel van het leven in een concentratiekamp, al dan niet geleid door de nazi’s. Welke soort muziek werd daar gecomponeerd en uitgevoerd, en wat was de precieze functie ervan? Was het een overlevingsmechanisme, een vorm van verzet voor de gedetineerden, een manier om hoop en menselijkheid uit te drukken? Of was het een instrument van terreur in handen van de kampbewakers? En wat is de rol van muziek in het herinneringswerk? Deze vragen vormen de rode draad doorheen het dossier.

    Inhoudsopgave en samenvattingen

    Nr. 123 (oktober 2016): Translating Memory

    Presentation of the dossier: What is the relationship between testimony, defined as a more or less ritualized firstperson account of political violence, and translation? Correspondingly, how does the translator position herself towards the witness? Can the translator be, or become, a witness? How, when and why are testimonies translated? Which linguistic and discursive strategies do translators resort to when faced with ethically challenging texts? Which role do they play exactly in the transmission of the historical knowledge, cultural values or social critique conveyed by the testimony? Does translation weaken or rather reinforce the relevance and impact of the original statement? How important is translation in literary, political and institutional settings? Do these specific settings determine translation practice in significant ways? To which extent can subsequent processes of transcription, editing, translation and archiving affect the source text? And how accurate are the boundaries we draw to distinguish witnessing from translating, documentary from literary testimony, the original from its translation? These are the main questions we intend to explore in our dossier.

    Inhoudsopgave en samenvattingen

    Nr. 122 (april 2016): Revisionisme en negationisme

    In de strikte betekenis van het woord is negationisme ‘de doctrine die de realiteit van de genocide door de nazi's op de Joden ontkent, meer bepaald het bestaan van de gaskamers’ (Larousse online). Bij uitbreiding slaat het begrip ook op de ontkenning van andere genocides en misdaden tegen de mensheid. De literatuur over het negationisme is omvangrijk: in veel landen zijn er zowel studies over het negationisme zelf als biografieën van negationisten. De argumentatieve en retorische strategieën van de negationisten zijn in het lang en het breed blootgelegd en websites ontmaskeren systematisch hun drogredenen. Er bestaat dus al behoorlijk wat betrouwbare informatie over het fenomeen. Toch is het om diverse redenen noodzakelijk om erop te blijven terugkomen.

    Inhoudstafel

    Nr. 121 (oktober 2015): Extreem geweld op/in scène

    Extreem geweld schuwt het beeld niet. Het spat van het scherm. Surft van het ene medium naar het andere, van de ene stijl naar de andere – reportages, documentaires, fictie, allerlei kunstvormen. Theater houdt zich afzijdig van die gretige klopjacht, hoewel ook hier het thema steeds terugkeert. Maar op een andere manier. Al van bij zijn ontstaan onderzoekt theater de voorstelling van geweld, maar het wist op haast miraculeuze wijze te ontsnappen aan de vaak steriele polemiek rond het verbod (of niet)… op de representatie van de Holocaust. De ‘theatrale’ benadering van extreem geweld getuigt vandaag dan ook van een verfrissende jeugdigheid en een onvermoeibaar streven naar de juiste verhouding tussen ethiek en esthetiek.

    Inhoudstafel en samenvattingen

    Nr. 120 (april 2015): Welke toekomst voor de herinnering aan de Armeense genocide?

    De Armeense genocide van 1915 vormt vandaag nog steeds het onderwerp van vele debatten en controversen. De geschiedenis geeft aanleiding tot intentieverklaringen, inzet en verzet, en zelfs ontkenning. Toch worden steeds openlijker banden gesmeed, bruggen gebouwd en gesprekken gevoerd tussen de Armeense en Turkse gemeenschap. Is verzoening mogelijk?

    Inhoudstafel en samenvattingen

    Nr. 119 (december 2014): 70 jaar geleden: Auschwitz. Terugblik op Primo Levi

    27 januari 1945. Zeventig jaar geleden wandelden de eerste soldaten van het Rode Leger Auschwitz binnen. Men zou kunnen zeggen dat het kamp toen werd ‘bevrijd’, hoewel Auschwitz, en geen enkel ander nazikamp, ooit een prioriteit vormden voor de Geallieerden. Primo Levi was een van de weinige overlevenden die zich wisten te verbergen en zo ontsnapten aan de gedwongen evacuaties. Jood, gedeporteerde, chemicus, getuige, schrijver: we blikken terug op deze complexe figuur, op zijn evolutie tot wat hij zelf een ‘professionele overlevende’ noemde, op zijn oeuvre. En op de betekenis die hij aan de woorden ‘verzet’ en ‘engagement’ gaf.

    Inhoudstafel en samenvattingen

    Nr. 118 (september 2014): In naam van de slachtoffers – Dictatuur en staatsterreur in Argentinië, Chili en Uruguay

    Tussen 1970 en 1990 kennen Argentinië, Chili en Uruguay een bijzonder gewelddadige periode van dictatuur en staatsterreur. Het proces van democratisch herstel in de jaren daarna gaat onvermijdelijk gepaard met de constructie van verhalen en herinneringen die het verleden vormgeven. De figuur van het slachtoffer staat centraal in dit proces, en wordt kritisch geanalyseerd in de teksten die Claudia Feld, Luciana Messina en Nadia Tahir hebben verzameld.

    Inhoudstafel en samenvattingen

    Nr. 117 (maart 2013): Amis? Ennemis? Relations entre mémoires [Vriend of vijand? Hoe herinneringen zich tot elkaar verhouden]

    Er werd al veel gesproken en geschreven over groepsherinnering, waarbij onderlinge relaties tussen herinneringen en hun geschiedenis vaak worden beschreven in termen van conflict, ‘oorlog’, concurrentie. Zo ontstonden krachtige clichés, een soort van algemeen aanvaarde doxa over het collectieve en culturele geheugen. Met dit dossier willen we een kritische analyse bieden van deze concepten en deze doxa. We onderzoeken met name de opkomst, de samenstelling en de onderlinge verbanden tussen verschillende herinneringen rond de grote gewelddadige periodes van de 20e eeuw. Welke relaties zijn mogelijk tussen deze herinneringen, die zich misschien niet op dezelfde gebeurtenis enten maar wel degelijk een aantal kenmerken en thema’s delen?

    Inhoudstafel en samenvattingen

    Nr. 116 (september 2013): Herinneringsreizen

    Moeten we bang zijn van het fenomeen ‘herinneringstoerisme’? Of moeten we leren leven met die realiteit? Valt elke bezoeker, in groep of individueel, voortaan onder de categorie van ‘toerist’? Of is die categorie een intellectuele simplificatie die ver afstaat van wat men tijdens zo’n bezoek ervaart? We moeten de vraag ietwat anders formuleren, wanneer we kijken naar de begeleide reizen die voor jongeren worden georganiseerd, voornamelijk door leerkrachten. In dit dossier geven we het woord aan historici en pedagogen die ervaring hebben met herinneringsreizen.

    Lees hier het integrale nummer

    Nr. 115 (maart 2013): Spanje en de opbouw van de gedachtenis

    In dit nummer trachten we inzicht te krijgen in de veelsoortige identiteiten en relaties tussen herinneringen en representatievormen in het hedendaagse Spanje. Het is vandaag van essentieel belang om een nieuw licht te werpen op de gelaagde herinnering aan de burgeroorlog, de ballingschap en de repressie onder Franco. Verder herbekijken we de manier waarop andere herinneringen, zoals die aan de Shoah, werden ontvangen en geïntegreerd. In het bijzonder richten we onze aandacht op de spanningen – soms antagonistisch, soms productief – die bestaan tussen officiële evenementen, acties van verenigingen en artistieke initiatieven.

    Lees hier het integrale nummer

    Nr. 114 (december 2012): Gedenkplaatsen

    Herdenkingsplaatsen vormen het tastbare spoor van de Europese herinnering en geschiedenis van de twintigste eeuw. Maar hoe zien zij er vandaag uit? Sinds tien of vijftien jaar zijn de criteria voor het tentoonstellen en het bewaren van de sites vaak grondig veranderd, net zoals de nieuwe ontwikkelingen in het historisch onderzoek onze visie en interpretatie van het verleden hebben veranderd. Ondertussen zijn het niet meer zozeer de getuigen, maar eerder professionele historici, die de geschiedenis schrijven. Toch is dat niet de enige oorzaak van de evolutie in het domein: men is zich bewuster geworden van het belang van overdracht en herinneringseducatie, en bovendien heeft de archeologie het historisch onderzoek veel bijgebracht. We hebben de ideologische sluier van ons afgeworpen die zo bepalend is geweest voor onze opvatting van de permanente tentoonstellingen, het behoud van de sites en de organisatie van de bezoeken. Kunnen we stellen dat een nieuw tijdperk is aangebroken in de herinneringsoverdracht? Hiermee zetten we in elk geval voluit in op het heden evenals de toekomst.

    Lees hier het integrale nummer

    Nr. 113 (september 2012): De taboes van de Duitse geschiedenis

    De meest pijnlijke en ambivalente periodes uit de twintigste-eeuwse Duitse geschiedenis worden gekenmerkt door talrijke taboes die in literatuur, fotografie en film opduiken in de vorm van een ‘terugkeer van het onderdrukte’. De artikels in dit dossier behandelen enerzijds de problematiek van het antisemitisme en de houding van de Duitssprekende bevolkingen tegenover de Shoah. Anderzijds onderzoeken ze hoe mensen het geweld ondergingen van de bombardementen, de vlucht voor het Rode Leger en de massale verkrachtingen.

    Lees hier het integrale nummer

    Nr. 112 (juni 2012): De kinderen van de Spaanse burgeroorlog. Ervaringen en culturele voorstellingen

    Dit dossier is gewijd aan de ervaringen en culturele voorstellingen van kinderen tijdens de Spaanse burgeroorlog. We confronteren de ervaring van de kinderen – een ervaring die op vele manieren uitdrukking kreeg tijdens en na het conflict – met de voorstellingen die volwassenen van diezelfde kinderen maakten. Zo hopen we inzicht te krijgen in een conflict dat een bevolking, die samenleefde op eenzelfde grondgebied, volledig wist te verscheuren.

    Lees hier het integrale nummer

    Nr. 111 (december 2011): Gevaarlijk spel tussen kunst en propaganda

    Politieke instellingen (politieke partijen en regeringen) gebruiken de media om zichzelf in de kijker te werken, om een reputatie op te bouwen en het publiek te overtuigen van hun boodschap. Voor autoritaire besturen vormen de media een middel om hun heerschappij te verstevigen. Hoe hebben kunstenaars in het verleden kunnen meewerken aan propaganda, waarvan het utiliteitsstreven nochtans haaks staat op de doelstellingen die men traditioneel aan kunst verbindt? Hebben zij hun intrinsiek artistieke project verloochend, of hebben ze het zelf bewust vervormd?

    Lees hier het integrale nummer

    Nr. 110 (oktober 2011): Volksverhuizingen, deportaties, verbanningen

    Criminele groeperingen en staten gebruiken volksverhuizingen om bepaalde bevolkingsgroepen te isoleren of uit de weg te ruimen. Niet alleen worden hun mensenrechten geschonden, deze groepen verdwijnen ook uit de publieke ruimte, verliezen hun houvast en hun sociaal netwerk. Ze worden dan ook makkelijk het slachtoffer van dwangmaatregelen (uitzetting uit hun territorium, dwangarbeid …) of geweld (hongersnood, slachtpartijen, genocide …). Sinds de Eerste Wereldoorlog is dit fenomeen wereldwijd alleen maar toegenomen en kreeg het ook een ‘memoriële’ dimensie: er ontstond een herinnering rond de verhuizingen, waarvan we vandaag de sporen terugvinden in literatuur, tentoonstellingen en musea. Met dit dossier willen we juist de aandacht vestigen op die dubbele beweging, historisch en memorieel.

    Lees hier het integrale nummer

    Nr. 109 (maart 2011): Twintigste-eeuwse oorlogen en genociden in het stripverhaal

    Het stripverhaal was betrokken bij de donkerste bladzijden van de menselijke geschiedenis, in een ondergeschikte rol of achteraf terugblikkend op de oorlogen en volkerenmoorden in de twintigste eeuw. In het eerste deel van dit dossier belichten we hoe Franse, Britse en Nederlandse stripuitgevers en -auteurs zich tijdens de Tweede Wereldoorlog ten dienste stelden van de bezetter of zich net tegen hem gingen verzetten. Via de bijdrage van het stripverhaal aan de oorlogsinspanning richten we de schijnwerpers op het potentieel van het medium als actie- en propagandamiddel. In het tweede deel van het dossier komt aan bod hoe stripauteurs achteraf bepaalde gebeurtenissen weergeven. Door het creatief behandelen van onderwerpen die lang als ontoegankelijk werden beschouwd bewijst het stripverhaal dat het tot veel meer in staat is dan alleen maar een ‘reconstructie’ van de feiten. Denk daarbij aan beide wereldoorlogen, de volkerenmoorden op de Armeniërs, de Joden, de Cambodjanen en de Tutsi’s, en de bloedbaden in Sabra en Sjatila.

    Lees hier het integrale nummer

    Nr. 108 (juli-september 2010): De behandeling van de geschiedenis in de documentaire film

    In dit dossier worden de knelpunten onderzocht aangaande geschiedschrijving voor televisie. De nadruk ligt op historische documentaires die werden geproduceerd voor en door televisie, want dat is tegenwoordig het belangrijkste medium voor historische overdracht. Er is aandacht voor historici die in hun werk de verhouding behandelen tussen het beeld en zijn cognitieve waarde (Annette Becker, Laurent Veray, Isabelle Veyrat-Masson), maar ook voor andere onderzoekers en docenten (Charles Heimberg, Fanny Lautissier, Matthias Steinle). Daarnaast kregen ook diverse betrokkenen aan productiezijde het woord: regisseurs (Patricia Bodet, Serge Viallet), producers (Jacques Kirsner) en documentalisten die zich specialiseren in opzoekwerk in filmarchieven (Anne Connan, Christine Loiseau). Omdat La chaconne d'Auschwitz bijzonder relevant is voor nagedachteniskwesties en het statuut van de waarheid wordt deze documentaire van Michel Daëron geanalyseerd door de geschiedkundige/historisch adviseur Sonia Combe en vervolgens van commentaar voorzien door de regisseur zelf en door de monteur Eva Feigeles.

    Lees hier het integrale nummer

    Nr. 107 (april-juni 2010): De bekentenis

    In de loop van de geschiedenis is de bekentenis opgeschoven van de juridische en/of christelijke sfeer naar een reeks andere sociale contexten. Dit blijkt uit de bijdragen in dit dossier, waarin de bekentenis structureel wordt onderzocht door een reeks medewerkers: taalkundigen, specialisten in de literatuurwetenschap, geschiedkundigen en onderzoekers op het vlak van informatie- en communicatiewetenschap. Via de analyse van literaire en andere teksten, speel- en andere films en/of specifieke historische gebeurtenissen laten zij zien dat de bekentenis het gevolg is van de verhouding die een groep of persoon heeft met zijn/haar verleden en toekomst, maar net zo goed met anderen, namelijk de bestemmelingen. Verschillende auteurs hebben het over de waarheidsclaim van de bekentenis, terwijl anderen aantonen dat ze ook haaks op de waarheid kan staan of een andere waarheid kan uitdrukken dan de toehoorders verwachten.

    Lees hier het integrale nummer

    Nr. 106 (januari-maart 2010): Valse getuigen

    In de humane en sociale wetenschappen wordt tegenwoordig steeds meer aandacht besteed aan getuigenissen en getuigen. De keerzijde van de medaille is dat valse getuigenissen en getuigen worden verwaarloosd, of overgelaten aan zij die dit fenomeen aanklagen. Omdat we een en ander toch serieus moeten nemen, doen we de test en stellen een reeks vragen: we worden vaak ‘tot getuige genomen’, maar wat zijn de sociale en psychologische contexten waarin we kort- of langdurig geloof hechten aan een vals getuigenis? Welke rol speelt de culturele en media-industrie hierbij? Hoe verhouden valse getuigenissen, fictieve getuigen en fictie zich tot elkaar?

    Lees hier het integrale nummer

    Nr. 105 (oktober-december 2009): Charlotte Delbo

    De vooraanstaande intellectueel en theaterfiguur Charlotte Delbo (1913-1985) zette zich al vroeg in voor de communistische zaak, hoewel ze nooit lid werd van de partij. Ze was actief in het verzet, werd opgepakt en gedeporteerd met het transport van 24 januari 1943. Ze werd eerst opgesloten in Auschwitz en vervolgens naar Ravensbrück overgebracht. Haar getuigenis, een van de belangrijkste over de gruwel van de naziconcentratiekampen, leeft voort in een reeks teksten, vooral voor het theater. Daaruit blijkt haar engagement tegen elke vorm van politieke onderdrukking, of het nu gaat over Algerije, Chili, Griekenland of de goelags.

    Lees hier het integrale nummer

    Nr. 104 (juli-september 2009): Nogmaals antifascisme. Geschiedenis, ideologie, gedachtenis

    Naar aanleiding van de twintigste verjaardag van de val van de Muur en het verdwijnen van de DDR kijken we opnieuw naar het antifascisme als een van de hoekstenen van het ‘andere’ Duitsland. Of het nu gaat om antifascisme ‘op bevel’ dan wel om een mythe, in dit dossier nemen we het begrip weer onder de loep, waarbij we rekening houden met de historische werkelijkheid en ideologische manipulatie. Uit recent onderzoek in zo goed als onontgonnen archieven komt een genuanceerder beeld naar voren van het Oost-Duitse antifascisme, inclusief zijn betrachtingen, grenzen en gedachtenis. Om een vergelijking mogelijk te maken was het belangrijk om ons niet tot het Duitse geval te beperken. Zo hielden we rekening met de beeldvorming rond het Italiaanse en Franse antifascisme, de complexe geschiedenis van het Sloveense verzet in Oostenrijk en de ups en downs van een vereniging als de WIDF (Women's International Democratic Federation). In het dossier worden historiografische onderzoeken afgewisseld met analyses van biografische documenten, heroïsche figuren, tentoonstellingen, monumenten en literaire werken, dit alles vanuit cultuurwetenschappelijk oogpunt.

    Lees hier het integrale nummer

    Nr. 103 (april-juni 2009): Nazimisdaden en genociden op het scherm

    In dit dossier gaan we dieper in op een aantal kwesties. We maken de balans op van een iconografie die sterk bepalend is geweest tijdens de tweede helft van de twintigste eeuw, in die mate dat het concentratiekampthema een apart genre werd in film, fotografie en kunst. De beelden die de geallieerde troepen aan het eind van de oorlog draaiden toen ze de naziconcentratiekampen ontdekten, maakten inderdaad een verpletterende indruk. Volgens sommigen lagen ze zelfs aan de oorsprong van de filmische moderniteit. Sporen daarvan zijn terug te vinden in de documentaire, fictie-, avant-gardistische en populaire film en in allerlei visuele producties uit de vier windstreken. Je kunt zelfs stellen dat de cinema van de voorbije veertig jaar de institutionalisering van de Shoah niet zozeer heeft begeleid als wel gestimuleerd. Hoe moeten we die aanhoudende invloed begrijpen?

    Lees hier het integrale nummer

    Nr. 102 (januari-maart 2009): De representatie van politieke misdadigers. Kunst, film, theater, literatuur, media

    Kunst en literatuur hebben altijd veel aandacht besteed aan misdaden en massale geweldpleging (martelingen, slachtpartijen en slagvelden) en dat is ook vandaag nog het geval. In de jaren 1960 werden de nazimisdaden al op het toneel aangeklaagd door de misdadigers zelf op te voeren (Die Ermittlung van Peter Weiss, Der Stellvertreter van Rolf Hochhuth). Maar het fenomeen reikt verder dan het nazisme. Zoals elke tiran had ook Franco zijn hagiografen en dubbelzinnige Falange-figuren vonden recentelijk nog hun weerslag in Spaanse romans in het teken van de herinnering. Met betrekking tot Rwanda beginnen er verslagen te verschijnen van de hand van genocidedaders. Ook aan de Rode Khmer werden al enkele films en stripverhalen gewijd. In dit dossier wordt onderzocht hoe politieke misdadigers aan bod komen in literatuur, film, theater en beeldende kunsten in Europa, Afrika en Azië. We stellen ook de vraag naar hun weergave in de media, meer bepaald in Argentinië en Zuid-Afrika: is de beul werkelijk een getuige?

    Lees hier het integrale nummer

    Nr. 101 (oktober-december 2008): Welke pedagogie, voor welke herinnering(en)?

    Hoe kunnen we onze uiteenlopende ervaringen nuttig maken om de actuele ‘herinneringsopvoeding’ op een vernieuwende leest te schoeien? De pedagogie krijgt de taak toebedeeld om de kennis omtrent extreem geweld over te brengen die tegenwoordig ‘herinnering’ heet, een algemene maar tegelijk meerduidige term. Vaak moet de pedagogie een antwoord bieden op verwachtingen binnen de moderne maatschappij. Het betreft meer bepaald de erkenning van gedachtenisvormen die recent op de voorgrond traden en waarmee gemeenschappen en sociale groepen zich willen laten kennen. In dit dossier onderzoeken we hoe de historische complexiteit betreffende de meervoudige gevoeligheden van gemeenschappen en natiestaten pedagogisch kan worden aangebracht. We hebben het over de invloed van de actuele herinnering en de plaats daarin van de Shoah, waarbij ook heel wat methodologische aspecten aan bod komen.

    Lees hier het integrale nummer

    Nr. 100 (juli-september 2008): De kwestie van de 'beul'

    Tegenwoordig bestijgen beulen vaker het schavot om te worden geëxecuteerd dan om te werken. ‘Beulen’ in moderne zin slaat op individuen die collectieve misdaden begaan waarmee ze een stempel drukken op de geschiedenis, van planningsdeskundigen over diverse tussenpersonen tot uitvoerders. In de artikelen van dit dossier bestuderen we de beulen via hun legende, privéleven, dagboeken, instelling of via de organisatie die ze trachten op te richten op de diverse plekken waar ze tekeergaan. Het betreft een uitgebreid onderwerp dat bijzonder actueel blijft.

    Lees hier het integrale nummer

 
De werking van ons Centrum geniet de steun van:logo loterie nl   logo bnb nl       We zijn lid van het BCH  

Contact

Stichting Auschwitz – vzw Auschwitz in Gedachtenis
Wolstraat 17/Bus 50 – B-1000 Brussel
  +32 (0)2 512 79 98
  +32 (0)2 512 58 84
  info@auschwitz.be
Kantoren geopend van maandag tot vrijdag tussen 9.30 en 16 uur, toegang bij voorkeur op afspraak.

twfbytin

Lid worden

Wilt u lid worden van de vzw Auschwitz in Gedachtenis, deelnemen aan haar activiteiten of gewoon haar werking ondersteunen, contacteer ons en stort € 40 op rekeningnummer IBAN: BE55 3100 7805 1744 – BIC: BBRUBEBB.
Elke gift van meer dan € 40 geeft recht op een belastingvermindering in België.

Schrijf in

op onze nieuwsbrief in het Nederlands
captcha 
De website van vzw Auschwitz in Gedachtenis en van de Stichting Auschwitz maakt gebruik van cookies om het surfen op de site te vergemakkelijken en om bepaalde functies toe te laten. Door de website verder te gebruiken, gaat u akkoord met het gebruik van cookies.